De trap is bedekt met eikenfineer, dat het huis van boven tot onder tot een eenheid smeedt.
De trap is bedekt met eikenfineer, dat het huis van boven tot onder tot een eenheid smeedt. © Åsne Hjukse

EEN BEELD VAN EEN HOUTEN HUIS

Dankzij een gevel van gebrand hout is deze Noorse architectenvilla buiten Oslo onderhoudsvrij – en heeft hij een unieke look. Ook aan de binnenkant is het een en al hout wat de klok slaat, dus het huis is op en top Scandinavisch.

8 februari 2019 door Niklas Hart

‘De gevel ziet er een beetje vuil en versleten uit, maar hij is ook fraai. Ik vind het vooral mooi hoe het patroon in het houtwerk duidelijk naar voren komt, en dat de zon een zilverachtige glans teweegbrengt,’ aldus Harald Linnebo.

We zijn in Voksenkollen, zo’n 400 meter boven zeeniveau. De Noorse hoofdstad Oslo strekt zich uit in de diepte onder ons, achter ons is een dennenbos. De huizen hier communiceren met elkaar, en dat is geen toeval: ze moeten 3 etages tellen, rechthoekig zijn, een zadeldak hebben en bruin of zwart zijn.

© Åsne Hjukse

HET BALKON steekt op theatrale wijze uit het gebouw en heeft zijn oorsprong in de keuken op de tweede verdieping. Omdat het stevig vastzit aan de etagescheiding hoeft het niet gestut te worden door pilaren. DE GEVEL van gebrand grenen zal in de loop der tijd veranderen. OP DE TWEEDE VERDIEPING, waar keuken en woonkamer liggen, is er een fantastisch uitzicht vanaf een Frans balkonnetje. 

Er was echter wel wat speelruimte. Het gezin met drie kinderen klopte aan bij het architectenbureau Schjelderup Trondahl, dat al eerder bijzondere huizen had ontworpen. Dit was een prachtige kans.

‘We dwongen onszelf iets anders dan anders neer te zetten ondanks de strenge bouwvoorschriften,’ vertelt Stian Schjelderup.

En dat zie je meteen al aan de buitenkant. Op sommige plaatsen is het huis pikzwart, elders is het houtwerk wat lichter. Shou sugi ban is een traditionele Japanse techniek waarbij hout met vlammen behandeld wordt. Dit gaat rotting tegen en vermindert het brandgevaar. Het gezin Linnebo hoeft bovendien nooit de verfkwast ter hand te nemen.

© Åsne Hjukse

DE KEUKEN heeft open verbindingen naar de trap, wat hem tegelijk scheidt van en opent naar de rest van de ruimte.  

Het balkon en de grootste ramen zijn strategisch gepositioneerd op de bovenste verdieping van het huis, waar het glas lijkt te worden ingekapseld door het hout dat de kozijnen omlijst. De kleinere ramen, die open kunnen, hebben boter- bloemgele randen en ongelijke afmetingen. Ze lijken willekeurig aangebracht te zijn zonder dat er een patroon in te ontdekken valt.

‘Toen ik de tekeningen voor het eerst zag, vond ik het merkwaardig, maar we zijn aan het idee gewend. Zo gaat het vaak met originele oplossingen,’ glimlacht Harald Linnebo. In het hele huis is volop bergruimte gecreëerd als een natuurlijk onderdeel van het ontwerp. Het huis strekt zich uit over drie verdiepingen, en de bovenste is de beste. Hier gebeurt het.

© Åsne Hjukse

DE KEUKENINRICHTING, van Holmestrand Møbelsnekkeri, maakt er een echte werkkeuken van, waar alles binnen handbereik is. DE WITTE HAARD en de open kasten vormen de overgang tussen keuken en woonkamer. De greeploze keuken benut de gehele gevelhoogte, dus er is volop bergruimte. 

‘We hebben de verblijfsruimtes boven gesitueerd – de woonkamer en keuken – omdat het uitzicht hier het mooist is. Dat is de grootste kwaliteit van dit huis.’

Het is niet moeilijk te begrijpen waar Harald het over heeft, want zodra je boven aan de trap staat, dwaalt je blik af. Het is alsof het huis fluistert: kijk daar en daar, maar niet daar. In de noordelijke muur zit één raam, dat in de hoek is geplaatst om het licht goed te laten doorstromen. Je vergeet al gauw dat er vlak naast deze woning andere huizen staan.

© Åsne Hjukse

IN DE ENTREE staan links een schoenenkastje en rechts een speciaal gebouwd opbergmeubel. Op de begane grond is voor gipsmuren gekozen om de kosten te drukken, maar ook om contrast te creëren met de levendige platen van eikenfineer.  

‘Het voelt niet alsof we bekeken worden, want je kunt niet naar binnen kijken. In ieder geval niet helemaal tot aan het bankstel. En de planten in de vensterbank helpen ons aan het kleine beetje privacy dat we hier nodig hebben. Bovendien hebben we een paar Japanse kersenbomen in de tuin geplant. Die zullen het huis nog verder afschermen als ze groeien. Gordijnen hebben we niet nodig.’

En de gezelligheid dan?

‘Wij vinden de sfeer ontspannen en gezellig, en dat komt omdat we de muren en plafonds bekleed hebben met platen van eikenhout. We wilden niet in een gipsplatenhuis wonen, want gladde, witte muren geven niets terug. Houtwerk biedt een bijzondere warmte en is bovendien mooi om te zien. Zo mooi zelfs dat we er geen behoefte aan hebben om dingen aan de muur te hangen. Zo is het huis een meubel op zich geworden,’ besluit Harald Linnebo 

© Åsne Hjukse

DE KASTENMUUR in de ouderslaapkamer loopt van muur tot muur en van vloer tot plafond. De vloerlamp Cestita is van Santa & Cole. De foto’s zijn van Linda Oloey Johannessen. 

DAAROM KOZEN ZE VOOR

GEBRAND HOUT: De architecten pasten deze methode bij een eerder project toe en bevalen hem aan vanwege het spel in het houtwerk en de manier waarop het verandert. Siberische lariks ontwikkelt zich vaak wat ongelijk. Als de gebrande stukken met de jaren gaan slijten, zal de gevel veranderen. Het wordt spannend om te zien hoe dat proces verloopt.

KLEINE SLAAPKAMERS EN EEN KLEINE BADKAMER: Het gezin gaf de voorkeur aan een grote keuken en woonkamer. Dat ging ten koste van de andere ruimtes, wat geen probleem is, want de bewoners leven vooral op de bovenste verdieping. De entree had echter iets ruimer gekund, vinden ze nu.